LIJN 10
LIJN 10
HOP-ON HOP-OFF
MUSEUM
MUSEUM
BEKIJK ONZE HISTORISCHE TRAMS
TRAM HUREN
TRAM HUREN
VERVOER UW GEZELSCHAP DOOR ROTTERDAM

Materieel: Bus

Dit is de materieeldatabase van Stichting RoMeO, klik op een voertuignummer voor de uitgebreide informatie over het betreffende voertuig.

NR 1 Tweeasser, 'tweeramer'
In 1905 werd de eerste elektrische tramlijn in Rotterdam in gebruik genomen. Door de Belgische fabriek Métallurgique werd in eerste instantie een twaalftal rijtuigen afgeleverd aan de Rotterdamsche Elektrische Tramweg Maatschappij (RETM).
NR 11 Tweeasser, 'tweeramer'

Nog in hetzelfde jaar 1905 zouden ook de rijtuigen 13 – 20 instromen bij de RETM, de voorloper van de RET. In tegenstelling tot de eerste twaalf rijtuigen waren deze voorzien van dwarsbanken, waarvan de leuning kon worden omgeklapt, zodat de passagiers zo veel mogelijk vooruit konden rijden. 

NR 15 Kleine Schindler

In 1956 werd bij de Zwitserse fabriek Schindler A.G. een serie van vijftien lichtgewicht motorrijtuigen besteld, die kort daarop onder de nummers 1 – 15 in dienst zouden komen. Voortschrijdende inzichten hadden inmiddels een resoluut einde gemaakt aan het open middenbalkon en aan de wandelende conducteur.

NR 86 Tweeasser, 'drieramer'

In 1906 werden nieuwe rijtuigen aangeschaft, met name omdat op steeds meer lijnen de paardentrams werden vervangen door elektrische trams. De 21 – 70 serie, gebouwd bij het Belgische bedrijf Usines Ragheno en de serie 71 – 90 eveneens van Belgisch fabrikaat gebouwd bij L’Energie.

NR 109 Allan

Tram Allan, bouwjaar 1951.

NR 115 Allan motorrijtuig

Allan motorrijtuig, bouwjaar 1951.

NR 119 Tweeasser, 'drieramer'

In 1907 worden de elektrische motorwagens 107 – 126 afgeleverd. Deze zijn niet van Belgische, maar van Nederlandse makelij. De wagenbakken van deze rijtuigen waren vervaardigd in de meubelfabriek en wagenmakerij van Allan & Co., die destijds nog aan de Oudedijk was gevestigd.

NR 123 Allan motorrijtuig

Op basis van de resultaten met een tweetal proefwagens werd een serie van motor- en bijwagens aangeschaft, die qua techniek een afgeslankte versie van de proefwagens waren. De bijwagens werden vanaf 1948 tot 1950 afgeleverd en aanvankelijk achter vierassers in dienst gesteld. 

NR 130 Allan motorrijtuig

Op basis van de resultaten met een tweetal proefwagens werd een serie van motor- en bijwagens aangeschaft, die qua techniek een afgeslankte versie van de proefwagens waren. De bijwagens werden vanaf 1948 tot 1950 afgeleverd en aanvankelijk achter vierassers in dienst gesteld. 

NR 188 Open bijwagen

Tweeassig open paardentramrijtuig (serie 188-189).

Tot 1920 genummerd als 234

Bouwjaar: 1902 door Allan & Co. te Rotterdam

NR 192 Tweeasser, 'drieramer'

In 1908 verschenen nogmaals 25 wagens van hetzelfde type op straat: de nummers 127 – 151. Ditmaal waren de rijtuigen evenwel – afgezien van de elektrische uitrusting –  geheel door Allan gebouwd.

NR 210 Delmez

In 1924 werd door de RETM voor het laatst materieel aangeschaft bij Allan. Het betrof hier de serie 202 – 221. Deze motorwagens hadden als eerste trams een lengte van meer dan tien meter en zouden de laatste twee-assers in Rotterdamse dienst zijn.

NR 220 Delmez

Toen de 202 – 221 serie eenmaal in handen van de RET waren gekomen, werden ook deze rijtuigen aan een grondige verbouwing onderworpen. Behalve sterkere motoren werden ze van normale onderstellen voorzien, die door Allan werden geleverd.

NR 242 Gelede Schindler

In aansluiting op de kleine Schindlers werd bij dezelfde fabriek ook nog een order geplaatst voor de levering van veertien enkelgelede motorrijtuigen (serie 231 – 244). Beide orders veroorzaakten destijds nogal wat beroering in de Rotterdamse gemeenteraad, omdat de Nederlandse industrie buitenspel werd gezet.

NR 284 Open bijwagen

Toen er voldoende motorrijtuigen waren afgeleverd ging de RETM ook nog over tot de aanschaf van een dertigtal open bijwagens. Deze zomerrijtuigen waren gebouwd door Usines Ragheno en verschenen met de nummers 211-240 op straat. 

NR 303 Vierasser, eenrichting

De firma Allan bouwde in de oorlogsjaren op reservedraaistellen vier nieuwe vierassige trams, met als belangrijkste kenmerk dat deze als éénrichtingsrijtuig waren uitgevoerd, de serie 301-304.

NR 327 Paardentram

Goed beschouwd bevinden er zich drie paardentrams in de museumcollectie, want rijtuig 327 is niets anders dan een paardentram, die kort na 1905 door de RETM geschikt werd gemaakt om als aanhangrijtuig achter elektrische motorwagens dienst te doen.

NR 368 Duwag, dubbelgeleed

De dubbelgelede Düwag tram van de serie 351-386 kwam vanaf 1964 in dienst bij de RET, oorspronkelijk met een plek voor de conducteur. Vanaf het begin van de jaren 70 werden ze verbouwd tot zelfbedieningstram.

NR 373 Duwag, dubbelgeleed

In de eerste helft van de jaren zestig werd besloten tot de aanschaf van 36 dubbelgelede en 24 enkelgelede motorrijtuigen. Het materieel dat in de beginjaren van de RET in dienst was gesteld was inmiddels hard aan vervanging toe. 

NR 385 Duwag, enkelgeleed

Duwag, enkelgeleed. Bouwjaar 1965.

NR 387 Vierramige bijwagen
In de zeer complete collectie van RoMeo ontbreken helaas nog enkele voertuigen. De 4-ramige bijwagen uit de serie 361-406 van de RETM, door de RET vernummerd in 1361-1406, was zo’n gemis. In 1998 werden twee bijwagens (1364 en 1387)gevonden die in gebruik waren geweest als tuinhuisje.
NR 408 Vierasser

In 1927 was besloten, dat de concessie van de Rotterdamse Elektrische Tramweg Maatschappij (RETM) niet verlengd zou worden. Op zaterdag 15 oktober van dat jaar nam de Gemeente Rotterdam de RETM over voor een bedrag van ruim 8 miljoen gulden. Al het, verouderde, materieel werd hierbij overgenomen (221 motorrijtuigen, 136 aanhangrijtuigen en 6 motortrams) en verdeeld over 15 lijnen.

NR 491 Vierasser

Ter modernisering van het trambedrijf heeft de RET in korte tijd (1929-1931) in totaal 170 vierassige motorwagens en 20 bijpassende bijwagens aangeschaft. De eerste tranche van 70 wagens werden in 1929 afgeleverd door Allan (401-420), door Talbot (421-435), door Werkspoor (436-450).

NR 504 Vierasser

In 1931 werden honderd vierassers in dienst gesteld, eveneens geleverd door verschillende fabrikanten: Allan (471-510), Werkspoor (511-550) en Beijnes (551-570). De elektrische installaties kwamen van verschillende leveranciers: Siemens (SSW), BBC en Smit.

NR 509 Vierasser

Ter modernisering van het trambedrijf heeft de RET in korte tijd (1929-1931) in totaal 170 vierassige motorwagens en 20 bijpassende bijwagens aangeschaft. De eerste tranche van 70 wagens werden in 1929 afgeleverd door Allan (401-420), door Talbot (421-435), door Werkspoor (436-450).

NR 514 Paardentram

In het verleden had deze paardentram nummer 404, maar eind 2014 is met de renovatie van deze tram het oorspronkelijke Rotterdamse nummer 514 weer aangebracht.

NR 515 Vierasser

Ter modernisering van het trambedrijf heeft de RET in korte tijd (1929-1931) in totaal 170 vierassige motorwagens en 20 bijpassende bijwagens aangeschaft.

NR 522 Vierasser

Ter modernisering van het trambedrijf heeft de RET in korte tijd (1929-1931) in totaal 170 vierassige motorwagens en 20 bijpassende bijwagens aangeschaft.

NR 523 Vierasser

Ter modernisering van het trambedrijf heeft de RET in korte tijd (1929-1931) in totaal 170 vierassige motorwagens en 20 bijpassende bijwagens aangeschaft. De eerste tranche van 70 wagens werden in 1929 afgeleverd door Allan (401-420), door Talbot (421-435), door Werkspoor (436-450).

NR 537 Vierasser

Ter modernisering van het trambedrijf heeft de RET in korte tijd (1929-1931) in totaal 170 vierassige motorwagens en 20 bijpassende bijwagens aangeschaft. In 1931 werd de honderd vierassers van de vervolgbestelling in dienst gesteld, eveneens geleverd door verschillende fabrikanten: Allan (471-510), Werkspoor (511-550) en Beijnes (551-570). 

NR 542 Vierasser

Ter modernisering van het trambedrijf heeft de RET in korte tijd (1929-1931) in totaal 170 vierassige motorwagens en 20 bijpassende bijwagens aangeschaft. De eerste tranche van 70 wagens werden in 1929 afgeleverd door Allan (401-420), door Talbot (421-435), door Werkspoor (436-450).

NR 545 Pekelaanhangrijtuig

Pekelaanhangrijtuig, bouwjaar 1928, buiten dienst.

NR 556 Vierasser

Het laat zich raden, dat er rond 1930 nog veel meer nieuw materieel benodigd was om de grootse plannen van de RET-directie te kunnen volvoeren. Dit mede omdat de oudste rijtuigen op dat moment wel zo ongeveer aan vervanging toe waren. 

NR 565 Vierasser

Ter modernisering van het trambedrijf heeft de RET in korte tijd (1929-1931) in totaal 170 vierassige motorwagens en 20 bijpassende bijwagens aangeschaft. De eerste tranche van 70 wagens werden in 1929 afgeleverd door Allan (401-420), door Talbot (421-435), door Werkspoor (436-450).

NR 606 Restauranttram

Ter vervanging van de laatste vierassers werden in 1968/69 door Werkspoor de enkelgelede wagens 601-635 gebouwd. Deze trams zijn gebaseerd op het Düwag-ontwerp, doch kregen in tegenstelling tot de 251-274 een enkele uitstapdeur in de B-bak. Voorts waren deze trams niet voorzien van een conducteurplaats en bezaten ze ook uiterlijk enkele andere kenmerken.

NR 608 Duwag, enkelgeleed

Ter vervanging van de laatste oude vierassers uit de begintijd van de RET werden door Werkspoor in de jaren 1968 en 1969 de enkelgelede rijtuigen 601-635 afgeleverd. 

NR 717 ZGT 6/6

Deze serie Zwevend Gelede Trams, gebouwd door Düwag begin jaren tachtig, hebben als een van de eerste trams in Europa een installatie voor de aansturing van draaistroommotoren, een innovatie die sindsdien standaard is geworden. 

NR 741 ZGT 6/6

Deze serie Zwevend Gelede Trams, gebouwd door Düwag begin jaren tachtig, hebben als een van de eerste trams in Europa een installatie voor de aansturing van draaistroommotoren, een innovatie die sindsdien standaard is geworden. 

NR 749 ZGT 6/6

Rond 1980 begon het einde van de Schindlers zich zo langzamerhand af te tekenen, om over de Allanstellen, die op de linker maasoever nog altijd spitsuurdiensten reden, nog maar te zwijgen. Ter vervanging van dit materieel werd door de RET in eigen beheer een tramtype ontworpen, dat min of meer voortvloeiende uit de plannen voor standaardtrams, waarover een aantal jaren tevoren nog druk overleg was gevoerd tussen de verschillende vervoerbedrijven.

NR 819 ZGT 4/6

Tijdens de aflevering van de hierboven genoemde ZGT-rijtuigen kwam onomstotelijk aan het licht, dat de wagenbakken van de tussen 1964 en 1969 afgeleverde Düwag-rijtuigen in een niet al te beste conditie meer verkeerden. 

NR 834 ZGT 4/6

De ZGT’s van de serie 800 zijn gebouwd op draaistellen en de elektrische installatie van de Düwag-serie 301 en 351 en beschikt daarom over normale gelijkstroommotoren, met vier aangedreven assen.

NR 840 ZGT 4/6

De ZGT’s van de serie 800 zijn gebouwd op draaistellen en de elektrische installatie van de Düwag-serie 301 en 351 en beschikt daarom over normale gelijkstroommotoren, met vier aangedreven assen.

NR 1001 Vierasser aanhangrijtuig

Van de vierassige bijwagens 1001-1020 is geen exemplaar bewaard gebleven. Om in deze leemte te voorzien zijn in latere jaren drie motorwagens tot replica-bijwagens verbouwd, namelijk de 1001, 1008 en 1020. 

NR 1008 Vierasser aanhangrijtuig

Nadat de gemeente in 1927 de exploitatie van het tramnet van de RETM had overgenomen, werden er meteen grootse plannen gesmeed. Om deze te kunnen verwezenlijken was een aanvulling op het bestaande materieel een eerste vereiste.

NR 1020 Vierasser aanhangrijtuig

Van de vierassige bijwagens 1001-1020 is geen exemplaar bewaard gebleven. Om in deze leemte te voorzien zijn in latere jaren drie motorwagens tot replica-bijwagens verbouwd, namelijk de 1001, 1008 en 1020. Aan deze wagens ontbreken kenmerkende elementen om een correcte vertegenwoordiger van deze serie te kunnen zijn. 

NR 1040 Allan aanhangrijtuig

Allan aanhangrijtuig, bouwjaar 1949

NR 1042 Allan aanhangrijtuig

Dit aanhangrijtuig van fabrikant Allan is geleverd tussen 1948 en 1950. De lengte is 13,7 meter en was bedoeld om in combinatie te rijden met de motorwagens serie 100-130.

NR 1355 Drieramige bijwagen

Drieramige bijwagen, bouwjaar 1912.

NR 1605 Duwag, dubbelgeleed

De Tingeling.

NR 1614 Duwag, dubbelgeleed

Duwag, dubbelgeleed, bouwjaar 1969.

NR 1616 Duwag, dubbelgeleed

Duwag, dubbelgeleed, bouwjaar 1969.

NR 1624 Duwag, dubbelgeleed

De dubbelgelede rijtuigen van de serie 1601-1635 zijn hun loopbaan als enkelgelede rijtuigen begonnen. Als zodanig waren zij namelijk in de jaren 1968 en 1969 onder de nummers 601-635 door Werkspoor afgeleverd.

NR 1628 Duwag, dubbelgeleed

De snerttram.

NR 1629 Duwag, instructiewagen

Duwag, instructiewagen, bouwjaar 1969.

NR 1635 Duwag, dubbelgeleed

Deze tram dient als donor voor onderdelen om andere Duwag trams rijvaardig te houden en opslag van onderdelen.

NR 2101 Vierasser, instructiewagen

Dit voertuig is van origine de uit de eerste serie vierassers stammende 404. Het rijtuig is echter dermate uniek in zijn huidige vorm en daarnaast ook zo ingrijpend verbouwd, dat een terugbrengen in zijn oorspronkelijke staat niet aan de orde is. 

NR 2302 Railslijpwagen

Railslijpwagen, bouwjaar 1930.

NR 2410

Bovenleidingmontagewagen, bouwjaar 1907.

NR 2411 Zandsilowagen

Zandsilowagen, bouwjaar 1965.

NR 2412 Zandsilowagen

Opgeknapt en opnieuw geschilderd in 2014.

NR 2413 Bakwagen

Bakwagen, bouwjaar 1957.

NR 2603 Vierasser, pekelwagen

Vierasser, pekelwagen, bouwjaar 1931.

NR 2605 Vierasser, pekelwagen

Vierasser, pekelwagen, bouwjaar 1931.

NR 111 Paarden omnibus

Paarden omnibus, bouwjaar 1907.

NR 5024 MG2/Type M-I

Oudste metro van Nederland.

Onze bussen

In het volgende overzicht wordt onze collectie beschreven. Er is voor een aantal bussen een indicatie van de werkzaamheden gegeven. De collectie is duidelijk onder te verdelen in 4 categorieën, te weten:

  1. de okergele RET bussen
  2. de rode standaard RET bussen
  3. de groene RET bussen
  4. Streekbussen

Kijk hier voor onze collectie bussen.

Print Email Pinterest Linkedin Twitter Facebook